Benodigdheden
Dogdance is een sport waar je in zijn kaalste vorm betrekkelijk
weinig voor nodig hebt:
- een hond
- een clicker
- lekkers
- een speeltje waar de hond gek op is
- een of meer goede oefenterreinen
- een goed humeur en een positieve instelling
De oefeningen zelf kun je willekeurig waar aanleren, in je eigen woonkamer
(geen gladde vloer), op een grasveldje of rustig parkeerterrein in de
buurt, dat maakt niet uit. Een clicker, lekkers en een speeltje... meer
benodigdheden kan ik zo gauw niet bedenken.
Of je dan al echt aan het doggy dancen bent, weet ik niet (daar hoort
eigenlijk wel muziek bij), maar je bent in ieder geval op een erg leuke
manier met je hond bezig!
Zodra je iets serieuzer verder gaat, heb je vaak toch wat meer nodig
en zijn er meer zaken om rekening mee te houden.
Trainingsplek
Vaak zal een parkeerterrein of speelpleintje bij je in de buurt als trainingsplek
al vrij goed voldoen als plaats om te trainen - mits je geen rommel van
je hond achterlaat en geen ruzie krijgt met moeders. In ieder geval een
groot, verhard oppervlak waar je op bepaalde tijden zonder te veel afleiding
kunt trainen.
Ondergrond
Zeker voor het oefenen van sprongen moet je echter zorgen voor een zachtere,
maar wel effen ondergrond. Let ook op dat het niet glad is. Anders kan
de hond zich blesseren - zie ook Gezondheid.
Met slecht weer is het erg prettig als je een paar vierkante meter in
huis vrij kunt maken waar je althans aan die oefeningen kunt werken die
wat minder meters vreten. Zorg hier wel voor een veilige ondergrond: een
stroef tapijt, stroeve tegels of een ander oppervlak waar de hond niet
op kan uitglijden. Ook hier weer: zie Gezondheid.
Spiegelwand!
Wil je je trainingsplek binnen helemaal superdeluxe maken, zorg dan voor
een spiegelwand: dan kun je jezelf en je hond uit meerdere hoeken bekijken,
zodat je beter kunt beoordelen of hij de oefeningen goed doet en of die
oefening wel op die plek in de muziek past.
Hulpmiddelen
Behalve een of meerdere goede trainingsplekken heb je een aantal hulpmiddelen
echt nodig, andere maken het je in bepaalde situaties gewoon makkelijker.
Muziek
Allereerst heb je iets nodig voor muziek. Als je in je woonkamer een
trainingsplek hebt kunnen maken, heb je waarschijnlijk een stereo-installatie
direct bij de hand. Voor buiten kun je kiezen uit een aantal mogelijkheden.
Walkman/MP3-speler
Een walkman (discman) of MP3-speler is erg prettig als je alleen traint en/of in
de buurt snel overlast veroorzaakt. Als je hem goed vastzet en de draadjes naar de koptelefoon handig geleidt, kun je nog behoorlijk vrij bewegen.
Wel iets om op te letten is het volume. Als je hem te hard zet, hoor
je je eigen stem namelijk niet meer en heb je de neiging om de commando's
naar je hond te schreeuwen. Deze begrijpt niet dat de baas ineens zo gek
doet en kan daardoor in de war raken of zelfs geschrokken afdruipen. Zet
hem dus zo hard dat je de muziek nog goed kunt horen, maar zo zacht dat
je je eigen stem goed kunt verstaan als je op dezelfde manier tegen je
hond praat als altijd.
Draagbare cassette-/CD-speler
Als je met meerdere mensen traint of graag alle bewegingsvrijheid hebt
en in de buurt geen overlast veroorzaakt, is een draagbare cassette-/CD-speler
een goed alternatief. Ook als je toeschouwers hebt die komen kijken hoe
het gaat, is zo'n apparaat heel wat leuker dan iemand zonder geluid te
zien swingen op zijn walkman.
Een nadeel is dat zo'n apparaat aanzienlijk meer batterijstroom kost
dan een walkman, als je tenminste geen stopcontact in de buurt hebt. Verder
is hij moeilijker te beschermen tegen het weer.
Metronoom
Een metronoom is een apparaatje dat ritme aangeeft. De mechanische vorm
ken je vast wel: een apparaat met een slinger dat met een tikgeluid de
maat aangeeft terwijl iemand een muziekstuk speelt. Tegenwoordig bestaan
ze ook in elektronische vorm, en dan ook nog eens op zakformaat. Ik heb
er een die nauwelijks groter is dan een creditcard, al is hij wel bijna
1 centimeter dik. Hij geeft de ritmesnelheid in piepjes aan en ik kan
hem op vierkwarts-, tweekwarts- en driekwartsmaat zetten.
Een metronoom kan op diverse manieren diensten bewijzen. Allereerst kun
je met een metronoom opnemen wat de ritmesnelheid van je hond is. Als
je die weet, kun je ook veel makkelijker kijken of een muziekstuk geschikt
is voor jouw hond. Hoe dat werkt, heb ik beschreven op de pagina Muziek
uitzoeken.
Verder kun je een metronoom ook gebruiken bij het oefenen. Zet hem op
de maat van jullie muziek en oefenen maar! Voor het oefenen op snelheid
is het prima. Wil je passages oefenen, moet je wel goed weten hoe je muziek
in elkaar zit.
Een voordeel van met het metronoom training vind ik, dat ik niet zo gauw
zo heerlijk aan 't swingen ben dat ik maar doorga en vergeet op te letten
of mijn hond het nog kan volgen, of ik niet te veel van hem vraag, en
of ik hem wel op het juiste moment beloon. Kortom, met een metronoom is
mijn concentratie meer op de hond en de training gericht.
Een nadeel tegenover trainen op muziek is dat ik iets minder de 'swing'
van de muziek heb, waardoor ik ook minder swingend beweeg. Toch is dat
hetgene waar de hond aan moet wennen.
Al moet je ook weer uitkijken met overdreven swingen: je trekt al gauw
de aandacht van de hond weg, terwijl hij in het middelpunt van de belangstelling
hoort te staan. Niet te wild bewegen dus!
CD-brander
Een CD-brander is ideaal als je je muziek op de computer wilt bewerken.
Bijvoorbeeld als je er een stuk tussenuit wilt halen of het einde er op
precies die plek af wilt hakken. Bovendien kun je het nieuwe einde dan
nog een bepaalde 'effect' meegeven, bijvoorbeeld een 'fade' of juist een
explosie van geluid.
Ook kun je op zo'n brander je muziek in kleine stukjes hakken, wat makkelijk
is bij de training: je kunt heel snel precies naar de passage die je wilt
oefenen, en je kunt die passage op 'repeat' zetten.
Een cassetterecorder kan overigens vaak ook al aardig dienst doen, maar
heeft toch beperkingen ten opzichte van een CD-brander.
Videorecorder
Ook een videorecorder kan goede diensten bewijzen. Alleen al bij de training
van losse oefeningen.
Zo kan een video-opname duidelijk maken hoe de hond het doet, of hij
fouten maakt of gewoontes heeft binnen een oefening die jij normaal niet
kunt zien, en hoe hij eruitziet bij het uitvoeren van oefeningen.
Maar een opname kan je ook helpen ontdekken of je zelf fouten maakt waarvan
je je niet of nauwelijks bewust bent. Zo ontdekte ik op video trainingsfouten
zoals gemiste klikkansen en stressopbouw bij de hond waardoor ik de sessie
eigenlijk had moeten afbreken. Ook merkte ik dat ik de neiging had mijn
hoofd te laten hangen om mijn hond beter te zien volgen.
Op de pagina Muziek uitzoeken heb ik
ook uitgelegd hoe een video-camera zijn nut kan bewijzen bij het vinden
van het juiste ritme, de juiste maat voor jouw hond.
En natuurlijk is een video-camera ook een goed hulpmiddel als je echt
aan het dansen gaat. Je kunt zien of de muziek en de bewegingen inderdaad
zo goed bij elkaar passen als je in je hoofd had, of de hond de oefeningen
op de snelheid van de muziek goed kan uitvoeren, en of hij alle overgangen
moeiteloos doet of dat hij standaard ergens hapert. Ook je eigen bewegingen
en houding kun je goed beoordelen, en natuurlijk ook weer je trainingsfouten!
Je hoeft een video-camera natuurlijk niet constant te gebruiken. Je hebt
immers ook iemand nodig om op te nemen, en zo iemand heb je waarschijnlijk
niet altijd bij de hand. Maar eens in de paar maanden, eventueel vaker
als je naar een wedstrijd toe traint, kan het zeker een hulp zijn, vooral
als je niet of niet vaak met een trainingspartner kunt trainen die je
eerlijk vertelt - of kàn vertellen - hoe je het doet.
Het is natuurlijk niet leuk je fouten zo op video terug te zien. Maar
als je weet wat je fouten zijn, kun je er tenminste wel aan werken om
ze op te lossen!
|